In de ondertitelwereld wordt lokalisatie ook wel creative subtitling of transcreatie genoemd. Het gaat dan om het herschrijven van ondertitels met behoud van de intentie, het gevoel en het effect. Het gaat dus om meer dan alleen de woorden vertalen.
Transcreatie wordt bijvoorbeeld ingezet bij reclamespots, muziekvideo’s en gesproken comedy, waarbij een letterlijke vertaling de humor of impact volledig teniet zou doen. Het moet natuurlijk allemaal wel leuk blijven.
Wanneer heb je lokalisatie nodig? #
- Marketingcampagnes gericht op een specifieke markt
- Video’s met humor, verhalen of culturele referenties
- Content voor kinderen – hun referentiekader is nog kleiner
- Merkvideo’s waarbij toon en gevoel net zo belangrijk zijn als de inhoud
- E-learningcontent die moet aansluiten op lokale normen of wetgeving
- Social media content die bedoeld is om te delen of te raken
De vuistregel: hoe meer emotie, identiteit of context er in de video zit, hoe meer lokalisatie je nodig hebt.
Wanneer is vertalen genoeg? #
- Technische instructievideo’s zonder culturele context
- Interne trainingsvideo’s voor internationale medewerkers
- Productvideo’s met universele, feitelijke inhoud
- Documentatie en handleidingen in videoformaat
Bij dit type content wil je vooral dat de informatie klopt. Culturele kleuring is minder relevant.
Extra uitdagingen bij het lokaliseren van video’s #
Bij video’s en ondertitels gaat lokalisatie verder dan tekst alleen. Een paar elementen die vaak over het hoofd worden gezien:
Beeldtaal en symbolen
Afbeeldingen, emoji’s en iconen in ondertitels of begeleidend materiaal hebben niet overal dezelfde betekenis. Een lachende smiley kan in het Westen vriendelijk overkomen, maar in andere culturen een heel andere lading hebben. Kies visuele elementen die cultureel kloppen.
Ondertitelconventies per land
Elk land heeft zijn eigen richtlijnen voor hoe ondertitels eruitzien. Een vertaling die daar geen rekening mee houdt, voelt voor lokale kijkers direct vreemd aan, ook als de tekst inhoudelijk klopt.
In Nederland volgen ondertitelaars de richtlijnen van de NPO, in Engeland hebben ze hun eigen richtlijnen van de BBC. Heel vergelijkbare principes, maar met andere regels voor maximale tekenlengtes, lettertypen en positionering.
In de Verenigde Staten is ondertiteling bijna altijd closed captioning – een uitgebreidere vorm waarbij ook geluidsomschrijvingen worden meegegeven voor doven en slechthorenden. Denk aan [spannende muziek] of [deur slaat dicht]. Daarnaast zijn Amerikanen gewend aan ondertitels die woord voor woord in beeld verschijnen, in plaats van als complete regels tekst. Je herkent het misschien van CNN: de tekst rolt mee terwijl de presentator praat. Dat voelt voor een Nederlandse kijker onwennig, maar voor een Amerikaans publiek is het de standaard.
Tekstrichting
Vertaal je ondertitels naar Arabisch of Hebreeuws? Die talen lezen van rechts naar links. In Japan komen teksten en ondertitels die van boven naar beneden lezen ook wel eens voor. Dat heeft gevolgen voor de lay-out van je ondertitels en grafische elementen in beeld.
SEO en vindbaarheid
Gebruik je ondertitels ook voor vindbaarheid, bijvoorbeeld via YouTube of een e-learningplatform? Dan is meertalige SEO relevant. Lokale zoektermen en zoekintenties verschillen per markt, ook als de taal hetzelfde is. Spanje en Mexico spreken beiden Spaans, maar zoeken ze anders.
Ondersteunend materiaal
Verwijs je in je video of begeleidende teksten naar externe bronnen? Vervang die bij lokalisatie dan ook door bronnen in de doeltaal. Een Nederlands onderzoek als onderbouwing werkt minder goed voor een Braziliaans publiek. Ook als er een website wordt genoemd in de video, zorg dan dat je de lokale versie van deze website weet te achterhalen.
Conclusie #
Voor veel video’s is een goede vertaling prima. Maar als je wilt dat je boodschap echt aankomt bij een internationaal publiek – en niet aanvoelt als een vertaling met Google Translate – dan kies je voor lokalisatie.
